Eieren zijn bij ons favoriet en eten we regelmatig. Een omelet is lekker als lunch of ontbijt op een boterham of toast. Deze perfecte omelet is gemakkelijk en snel te maken, licht, smakelijk en gezond. De term ‘perfect’ is voor iedereen natuurlijk anders. De een wil de omelet net aan gaar en de ander juist doorbakken, het is maar net waar je voorkeur naar uit gaat. Een lekker basisrecept waar je oneindig mee kunt variëren.  En nee, wij gebruiken hiervoor geen kant en klare kruidenzakjes, dit is totaal overbodig. 

1 omelet

Bereidingstijd: 15 minuten

 

Ingrediënten

 

  • 3 eieren
  • scheutje melk
  • klontje boter
  • ½ rode paprika
  • 1 bosui
  • peterselie
  • ½ avocado
  • peper en zout

 

Instructies voor de perfecte omelet

 

  • Kluts de 3 eieren met een scheutje melk in een kommetje. Net zolang tot de eieren helemaal geklutst zijn en je geen eigeel of eiwit meer ziet. Voeg hierbij wat zout en peper en meng dit goed.

 

  • Snij de rode paprika in kleine blokjes (mag natuurlijk ook groter, het is maar net wat je lekker vindt). De bosui snij je in kleine ringetjes en de peterselie hak je fijn. Snij de avocado door de helft en verwijder de pit (pas op voor ‘avocadoletsel’). Aan een halve avocado heb je meer dan voldoende. Nu snij je in de lengte en de breedte inkepingen in de avocado, zodat je er met een lepel in één keer kleine blokjes uit kan scheppen.

 

  • Neem een koekenpan met een klontje boter en zet deze op middelhoog vuur, de boter mag niet verkleuren. Doe de geklutste eieren in de pan. Neem een vork en roer voorzichtig met de platte kant van de vork door het ei heen. Je zult merken dat het ei steeds meer begint te stollen. Als je door het roeren ‘lege’ plekken krijgt waar geen ei meer zit, neem je je pan van het vuur en beweeg deze rond, zodat het vloeibare ei zich verspreidt. Doe nu aan de ene kant van de omelet wat blokjes paprika en de bosui, bewaar nog een beetje voor de garnering. Met een spatel kun je de randjes van de omelet goed loshalen van de pan. Als de omelet voor het grootste gedeelte gestold, maar nog wel zacht is, kun je de omelet heel voorzichtig met je spatel dubbelklappen. Zet het vuur uit en laat hem nog even in de pan liggen om na te garen. Wil je de omelet lekker zacht hebben, haal hem dan direct uit de pan.

 

  • Laat de omelet op een bord glijden en garneer met de overgebleven paprika, bosui, peterselie en blokjes avocado.

 

Bij een omelet kun je eindeloos variëren met verschillende groenten en kruiden. Handig om restjes op te maken.